Een belangrijke stap richting eenvoudiger en stabieler stelsel

Minister Aartsen van Werk en Participatie en staatssecretaris Eerenberg van Financiën hebben op 21 april een Kamerbrief verstuurd over de voortgang van het nieuwe financieringsstelsel voor de kinderopvang. Belangrijkste boodschap van de brief: koers houden! 

Inhoud van de Kamerbrief
In de Kamerbrief schetst de minister de contouren van het nieuwe financieringsstelsel dat per 2029 moet worden ingevoerd. In dit stelsel worden kinderopvangorganisaties rechtstreeks bekostigd en wordt de kinderopvang voor werkende ouders vrijwel volledig vergoed. Hiermee wordt toegewerkt naar een systeem waarin het huidige toeslagenstelsel op termijn kan verdwijnen.

Daarnaast gaat de brief in op de aanwijzing van kinderopvang als dienst van algemeen economisch belang, waarmee het publieke karakter van de sector wordt onderstreept. Ook wordt aandacht besteed aan de samenwerking tussen kinderopvang, onderwijs en het sociaal domein, onder andere via een gezamenlijke agenda.

Verder benoemt de minister een aantal belangrijke randvoorwaarden voor een succesvolle invoering, zoals de beschikbaarheid van voldoende pedagogisch professionals en de noodzaak om tijdig te investeren in huisvesting en organisatie.

Lees de Kamerbrief, 21 april 2026

Reactie van de BMK
De BMK verwelkomt de richting die in de Kamerbrief wordt geschetst. Met name de stap naar rechtstreekse financiering en het vrijwel kosteloos maken van kinderopvang voor werkende ouders ziet de BMK als een fundamentele verbetering van het huidige stelsel. Dit draagt bij aan meer eenvoud, zekerheid en betaalbaarheid voor ouders en organisaties.

De BMK is daarnaast positief over het feit dat de minister vaart houdt in de invoering van het nieuwe stelsel en duidelijk inzet op het vasthouden aan het tijdpad richting 2029. Juist deze koersvastheid is essentieel om het vertrouwen in de sector te versterken en om kinderopvangorganisaties in staat te stellen de noodzakelijke investeringen te doen.

De aanwijzing van kinderopvang als dienst van algemeen economisch belang wordt door de BMK als een logische stap gezien. Hiermee wordt erkend dat kinderopvang een publieke voorziening is, die bijdraagt aan de ontwikkeling van kinderen en aan de samenleving als geheel.

Daarnaast ziet de BMK dat de brief aansluit bij een bredere ontwikkeling waarin kinderopvang steeds nadrukkelijker onderdeel wordt van de pedagogische basis rond kinderen. In de praktijk werken kinderopvang, onderwijs en het sociaal domein al steeds vaker samen aan de ontwikkeling van kinderen en de ondersteuning van gezinnen. Verdere versterking van deze samenwerking is essentieel.

Tot slot blijft het volgens de BMK van belang om het perspectief op bredere toegankelijkheid van kinderopvang – ook voor kinderen van ouders die nu nog buiten het stelsel vallen – nadrukkelijk in beeld te houden. Toegankelijke kinderopvang draagt bij aan kansengelijkheid en aan een sterke basis voor alle kinderen.

Deel dit nieuwsbericht