PM’ers in achterstandswijken

2018-08-09T12:13:14+02:0008-08-2018|

Onderzoek naar rol PM’ers in achterstandswijken: breder dan alleen pedagogische

Pedagogisch medewerkers die werken in voormalige peuterspeelzalen in achterstandswijken hebben meer bagage nodig dan alleen pedagogische kwaliteiten. Dagelijks vervullen ze allerlei taken waarvoor ze eigenlijk niet zijn opgeleid, zoals ouders helpen bij het invullen van formulieren. Dat blijkt uit een onderzoek van studenten Isabelle de Beere, Nina Smaling, Floor Links en Ezrah van Terwisga van Hogeschool Utrecht in opdracht van Sociaal Werk Nederland. Zij baseren hun bevindingen op een digitale enquête en interviews met pm’ers in achterstandswijken in Amsterdam, Utrecht, Rotterdam, Leiden en Den Haag.

Zware problemen

Deze medewerkers krijgen te maken met gezinnen waar veel en vaak zware problemen spelen. Denk aan armoede, criminaliteit, verslavingsproblemen, relatieproblemen en werkloosheid. Dat maakt dat ze niet alleen pm’er zijn, maar ook taken uitvoeren van sociaal werkers. ‘Er wordt veel van mij gevraagd op andere gebieden,’ stelt een van de geïnterviewden. ‘Gesprekken met ouders, contact leggen met jeugdprofessionals, bellen, mailen, contact zoeken, navragen, bij gezinnen thuis langsgaan, zorgdocumenten bijhouden. Dat komt er allemaal bij als je in deze wijk werkt.’

Herkenning

Bovenstaand beeld wordt herkend door leden van de BMK met vestigingen in wijken waar complexe problematiek speelt. Dit voorjaar wijdde de BMK een themadiscussie aan het onderwerp ‘Armoede en de rol van maatschappelijke kinderopvang’. In bepaalde wijken in de grotere steden (Rotterdam, Groningen, Den Bosch, Maastricht, Den Haag) investeren medewerkers veel tijd aan het contact met de ouders en de kinderen, geven deze organisaties aan. PMers spelen een belangrijke rol in het signaleren van problemen thuis, in het aangaan van gesprekken met ouders en door hen concrete hulp te bieden bij het invullen van formulieren of aanvragen van gemeentelijke subsidies. Ook denken PMers mee over oplossingen voor de problemen die er thuis zijn, zij verwijzen door en leggen contact met wijkteams in verband met brede ondersteuning. De organisaties proberen hun medewerkers hierin te ondersteunen door hen gerichte cursussen of trainingen te geven. Op organisatieniveau wordt lokaal samengewerkt met de gemeente, maatschappelijk werk en met lokale instanties op dit vlak.

Staatssecretaris Van Ark bezoekt vestiging waar dit speelt

Begin juli bezocht Staatssecretaris van Ark een vestiging van Dak Kindercentra in Den Haag. Medewerkers vertelden de Staatssecretaris dat  de achtergrond van de kinderen zo divers is, dat het vaak lastig om de hulpverlening die al geboden wordt aan een gezin snel in kaart te brengen. Veel ouders spreken geen Nederlands of Engels en hebben moeite met het aanvragen van toeslagen. Hierin begeleidt Dion Dak de ouders actief door samen de formulieren in te vullen. Omdat veel ouders financiële problemen hebben, hebben zij vaak ook een betalingsachterstand. Dion Dak werkt nauw samen met voorschool, maatschappelijk werk en het Centrum voor Jeugd en Gezin.

Mede door taalproblemen is het vaak lastig om te achterhalen welke (hulpverlenings-) trajecten reeds zijn ingezet om een gezin te ondersteunen. Dion dak geeft aan dat een koppeling van systemen een goede oplossing zou zijn waardoor voor de samenwerkende partijen inzichtelijk is welke ondersteuning een kind/gezin krijgt. Een nieuw volgsysteem waar alle organisaties mee werken zou nog mooier zijn! Dit bevordert de samenwerking tussen de verschillende organisaties waardoor er sneller de juiste hulp geboden kan worden.

Dion Dak biedt als extra service aan ouders ondersteuning aan bij het aanvragen van de toeslagen. Dit doet Dion Dak om de opvang laagdrempeliger te maken. Hier maakt Dion Dak veel extra tijd voor vrij en dit brengt extra kosten met zich mee maar omdat de organisatie vindt dat alle kinderen toegang moeten hebben tot opvang neemt zij deze extra kosten nu graag voor lief. Echter, als hier een structurele oplossing voor komt zou dit alle organisaties die te maken hebben met deze problematiek helpen.

Voor beide zaken zou het fijn zijn als dit landelijk anders en beter ingericht zou worden.

Het onderzoek van SWN

Terug naar het onderzoek. De geïnterviewde pm’ers zijn het er over eens dat ze eigenlijk meer en specifieke kennis en vaardigheden nodig hebben in deze wijken. Ze voeren deels taken uit waarvoor ze eigenlijk niet zijn opgeleid. De uitkomsten van het onderzoek zijn nuttig voor brancheorganisaties

Meer informatie

 

Deel dit nieuwsbericht