Subsidie van Nationaal Groeifonds voor programma ‘Meer uren werkt!’

Krapte op de arbeidsmarkt is een maatschappelijk probleem dat steeds zichtbaarder is in de samenleving. Door personeelstekort kunnen kinderen niet altijd naar school of de kinderopvang, en worden de wachtlijsten in de zorg niet weggewerkt. Een van de redenen voor de grote tekorten: er wordt in Nederland erg veel in deeltijd gewerkt.

Met het programma Meer uren werkt!, een initiatief van het platform Future of Work van de Universiteit Utrecht en het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, wil een consortium van organisaties bezien hoe deeltijders meer uren kunnen gaan werken. Het programma heeft vrijdag 15 maart vanuit het Nationaal Groeifonds definitief 30 miljoen euro toegezegd gekregen om Meer uren werkt! uit te werken. Als het programma effectief blijkt, volgt nog eens een tweede investering van 45 miljoen euro.

Meer uren werkt! gaat zich in eerste instantie richten op drie sectoren: zorg en welzijn, basisonderwijs en kinderopvang. Deze sectoren tellen de meeste deeltijders. In zorg en welzijn werkt 69% in deeltijd, in het basisonderwijs 66%, en in de kinderopvang zelfs 84%. Tanja van der Lippe, hoogleraar Sociologie van huishoudens en arbeidsrelaties, en mede-initiatiefnemer van het programma: “We kiezen ook voor deze drie sectoren omdat daar erg grote personeelstekorten zijn. Tekorten die zonder maatregelen waarschijnlijk zullen aanhouden. Bovendien hebben deze sectoren direct invloed op werkenden elders. Denk aan schoolklassen die naar huis gestuurd worden omdat de docent ziek is, of aan ouders met jonge kinderen die niet meer uren kunnen werken omdat er geen kinderopvang beschikbaar is.”

Slechte moeder
Het programma richt zich nadrukkelijk op alle werknemers: mannen, vrouwen, non-binair, met en zonder partner (van hetzelfde of andere geslacht), met en zonder kinderen etc. De grootste groep deeltijders zijn echter vrouwen – vandaar dat hier de meeste focus ligt. Het programma wenst zichtbare en onzichtbare drempels weg te nemen in de sociale omgeving, bij arbeidsorganisaties en bij deeltijders zelf. Anne van der Put, socioloog en betrokken bij het programma: “Denk bijvoorbeeld aan een drempel als genderstereotype normen. Er zijn hardnekkige sociale normen in Nederland, zoals de norm dat vrouwen in deeltijd moeten werken als ze moeder zijn. Wanneer je als vrouw met jonge kinderen meer dan drie dagen werkt, word je al snel gezien als een slechte moeder. Ook aan zulke genderstereotype normen willen we wat doen.”

“Er zijn hardnekkige sociale normen in Nederland, zoals de norm dat vrouwen in deeltijd moeten werken als ze moeder zijn.”

Cultuuromslag
Meer uren werkt! is vernieuwend door een integrale aanpak over langere termijn, aandacht voor verschillende groepen deeltijders, evidence-based interventies, en door rekening te houden met neveneffecten (zoals beschikbare tijd voor mantelzorg). Met het programma hoopt het consortium een cultuuromslag in Nederland op gang te krijgen: meer uren werken door deeltijders.

“We werken aan oplossingen door inzichten van de wetenschap te koppelen aan de praktijk van de werkvloer.”

Consortium
Het programma wordt ontwikkeld met een consortium van sectorpartners in zorg en welzijn, basisonderwijs en kinderopvang, werkgevers- en werknemersorganisaties, maatschappelijke partners en kennisinstellingen. Consortiummanager Thomas Martens heeft vanuit Future of Work ervaring met dergelijke brede samenwerkingsverbanden: “Bij het onderzoek dat binnen Future of Work wordt gedaan, hebben we inmiddels een traditie van voortdurend samenwerken met maatschappelijke partners. We werken aan oplossingen door inzichten van de wetenschap te koppelen aan de praktijk van de werkvloer.’

Bron: Universiteit Utrecht

Deel dit nieuwsbericht